Afdrukken

ALGEMEEN

Artikel 1   Algemeen

Dit reglement geldt voor de ten gevolge van het Huishoudelijk Jeugdcompetitie reglement van Schaakvereniging Spijkenisse (hierna te noemen Schaakvereniging) in elk verenigingsjaar te organiseren jeugdcompetitiewedstrijden (hierna te noemen Jeugdcompetitie).

 

Artikel 2   Leiding

1. De algemene leiding van de in artikel 1 bedoelde Jeugdcompetitie berust bij de jeugdleider van de Schaakvereniging (hierna te noemen Jeugdleider). Hij is belast met de uitvoering en handhaving van dit reglement en het beslissen in alle geschillen en onvoorziene gevallen, welke zich in de jeugdcompetitie voordoen.
2. Bij ontstentenis van de Jeugdleider wordt zijn functie waargenomen door een door het bestuur van de Schaakvereniging aan te wijzen plaatsvervanger.
3. De Jeugdleider kan het in artikel 2 lid 1 en lid 2 bepaalde ten aanzien van bepaalde taken delegeren aan een Competitieleider of Groepsleider.

 

Artikel 3   Speelgerechtigdheid

Speelgerechtigd zijn leden als bedoeld in artikel 3 lid 1 en lid 2 van de statuten van de Schaakvereniging met een maximum leeftijd van 20 jaar, peil datum is de 1e dag van het seizoen.

 

Artikel 4   Wedstrijdreglement

1. Gespeeld wordt volgens de spelregels van de Wereldschaakbond (FIDE) in de officiële Nederlandse vertaling, uitgegeven door de KNSB, laatste uitgave, voor zover in dit reglement niets anders is bepaald.
2. De beslissingen welke de FIDE met betrekking tot de toepassing of de uitleg daarvan neemt, zijn bij de wedstrijden pas van kracht, nadat zij vanwege de KNSB door publicatie in een officieel orgaan (bijvoorbeeld Schaakmagazine) algemeen bekend zijn gemaakt.
3. Het gebruik van mobiele telefoons en elektronische apparatuur is tijdens de partij niet toegestaan. Indien geconstateerd wordt dat de telefoon of het apparaat van een speler geluid maakt, krijgt deze een waarschuwing. Bij een tweede constatering wordt de partij voor deze speler reglementair verloren verklaard. De score van zijn tegenstander wordt door de Jeugdleider vastgesteld.

 

JEUGDCOMPETITIE

Artikel 5   Jeugdcompetitie

1. De Jeugdcompetitie wordt over het gehele seizoen gespeeld. Begin en eind datum worden op de Algemene Ledenvergadering bekend gemaakt (hierna te noemen ALV).
2. De Jeugdcompetitie wordt gespeeld in 2 competities: de wintercompetitie en de zomercompetitie.
3. De Jeugdcompetitie wordt onderverdeeld in groepen, het aantal groepen wordt aan het begin van de wintercompetitie en de zomercompetitie bekend gemaakt.

 

Artikel 6   Speelsysteem

Het speelsysteem wordt aan het begin van elke competitie per groep bepaald door de Jeugdleider.

 

Artikel 7   Indeling

1. Het aantal leden van de vereniging wordt opgedeeld in groepen. Indeling van deze groepen vindt plaats op basis van de behaalde resultaten in de afgelopen Jeugdcompetitie.
2. Nieuwe leden worden in die groepen geplaatst, waarin zij volgens speelsterkte thuis horen.

 

Artikel 8   Eindstand

1. De volgorde van de deelnemers in de eindstand wordt bepaald door:

a. Hoogste scoringspercentage (aantal matchpunten gedeeld door het aantal gespeelde partijen).
b. Aantal matchpunten.
c. Het onderling resultaat.
d. Meest gewonnen partijen.

2. Als het om de eerste drie plaatsen gaat en het scoringspercentageverschil tussen de betreffende spelers is gelijk of kleiner dan 3%, dan spelen zij een beslissingsmatch volgens artikel 10.
3. Spelers dienen een speelpercentage te hebben van minimaal 55%, voor de laagste twee groepen geldt 50%, om recht te hebben voor het kampioenschap, promotie, degradatie en prijzen. Het speelpercentage wordt bepaald door het aantal gespeelde partijen gedeeld door het maximum gespeelde partijen in dezelfde groep.

Voor een uitleg en een voorbeeld zie bijlage A.

 

Artikel 9   Kampioenschap

1. Indien één en dezelfde speler in de Jeugdcompetitie volgens artikel 5 in de hoogste groep in beide competities het hoogst is geëindigd, is voor één jaar Jeugdclubkampioen en ontvangt een wisselprijs.
2. Indien uit lid 1 geen kampioen komt, spelen de winnaars van de winter- en de zomercompetitie een beslissingsmatch tegen elkaar volgens artikel 10.

 

Artikel 10   Beslissingsmatch

1. Bestaat de beslissingsmatch uit 2 spelers dan geldt artikel 10 lid 2, bij 3 of meer spelers dan geldt artikel 10 lid 3.
2. Beslissingsmatch bestaande uit 2 spelers:

a. De match bestaat uit twee partijen met een speeltempo volgens artikel 14 lid 1. Er wordt geloot om de kleuren.
b. Indien de match gelijk eindigt, dan wordt er opnieuw geloot om de kleur en worden er 2 partijen gespeeld met een speeltempo van 5 minuten per persoon per partij. Indien deze match gelijk eindigt, dan volgt een nieuwe loting om de kleur en een nieuwe serie snelschaakpartijen, met dien verstande, dat de eerste winstpartij de match onmiddellijk beëindigt en de winnaar van de match bekend is.

3. Beslissingsmatch bestaande uit 3 of meer spelers:

a. Er wordt een halve competitie gespeeld volgens de Berger-tabellen met een speeltempo volgens artikel 14 lid 1, waarbij de betreffende spelers om het lotnummer loten.
b. De eindstand van de halve competitie wordt als volgt bepaald:

1. Aantal matchpunten.
2. Als het om de eerste plaats gaat, dan wordt er een beslissingsmatch gespeeld. Het speeltempo is 5 minuten per persoon per partij.

a. Als het om twee spelers gaat: Er wordt geloot om de kleur en er worden 2 partijen gespeeld. Indien deze match gelijk eindigt, dan volgt een nieuwe loting om de kleur en een nieuwe serie snelschaakpartijen, met dien verstande, dat de eerste winstpartij de match onmiddellijk beëindigt en de winnaar van de match bekend is.
b. Als het om 3 of meer spelers gaat: Er wordt een halve competitie gespeeld volgens de Berger-tabellen, waarbij de betreffende spelers om het lotnummer loten. Is er na de meerkamp geen beslissing, dan geldt artikel 10 lid 3.b.

3. Onderling resultaat.
4. SB punten.
5. Loting.

4.  De partijen worden in overleg met de spelers, bij voorkeur op de clubavonden gespeeld, in de periode tussen de oude en de nieuwe competitie.

 

Artikel 11   Promotie en degradatie

1. Naar de opvolgend hogere groep promoveren per groep:

a. De hoogst geëindigde speler in Groep 1 promoveert naar de Hoofdgroep.
b. Van Groep 2 en de opvolgend lagere groepen promoveren de drie hoogst geëindigde spelers naar de opvolgend hogere groep.

2. De degradatie regeling wordt aan het begin van elke competitie bekend gemaakt door de Jeugdleider.
3. Op advies van de Jeugdleider of op verzoek van een speler kan een groep lager gespeeld worden. De speler moet dit verzoek voor aanvang van de Jeugdcompetitie indienen bij de jeugdleider.
4. De jeugdleider kan voor een speler een snelle promotieregeling toepassen.
5. Indien nodig worden de groepen op grond van het eindklassement van de laatst gespeelde Jeugdcompetitie aangepast om aan het minimaal of maximaal gewenste aantal spelers per groep te komen.

 

Artikel 12   Speellocatie

De wedstrijden worden op de clubavond, in het clublokaal, gespeeld.

 

Artikel 13   Aanvangstijdstip

Het aanvangstijdstip is 18:30 uur.

 

Artikel 14   Speeltempo en notatieplicht
Dit artikel geldt niet voor de laagste twee groepen.

1. Het speeltempo per persoon bedraagt 20 minuten voor de gehele partij.
2. Noteren is verplicht totdat een speler minder dan 5 minuten over heeft op zijn klok, dan is hij voor het restant van de partij niet verplicht te noteren.

 

Artikel 15   Schaakklok

1. Voorhet meten van de bedenktijd kunnen zowel analoge als DGT klokken worden ingezet.
2. De analoge klokken dienen bij aanvang van de partij afgesteld te worden op 5:40 uur.
3. De DGT klokken dienen bij aanvang van de partij ingesteld te worden op een periode van 00:20 uur (instelling 3: rapid/blitz – handmatige instelling).

 

Artikel 16   Extra speeldagen

Indien een speler te weinig partijen speelt (door o.a. extern), waardoor hij/zij het speelpercentage niet kan halen. Dan mag hij/zij op een andere dag dan de clubavond een partij vooruit spelen. Met dien verstande:

a. De spelers geven dit van te voren aan bij de Jeugdleider.
b. Het vooruit spelen van de partij kan tot 21 dagen voor de laatste ronde in de competitie.

 

Artikel 17   Rating

1. Voor het vaststellen van de rating wordt zoveel mogelijk uitgegaan van de laatst gepubliceerde lijst van de KNSB.
2. Voor aanvang van de Jeugdcompetitie wordt voor iedere speler zijn startrating bijgesteld door het gemiddelde te nemen van de KNSB (jeugd)rating en clubrating van die spelers welke representatief zijn voor de Schaakvereniging.
3. Indien een speler niet op deze lijst voorkomt wordt zijn rating geschat door de jeugdleider.
4. De resultaten in de Jeugdcompetitie worden doorgegeven aan de KNSB voor de verwerking van de KNSB jeugdrating.

 

Artikel 18   Prijzen

1. De prijsuitreiking van de wintercompetitie vindt plaats voor aanvang van de zomercompetitie.
2. De prijsuitreiking van de zomercompetitie vindt plaats aan het einde van het seizoen.
3. Voor de verdeling van de prijzen wordt uitgegaan van de eindrangschikking als bepaald conform artikel 8 en 9.
4. De wisselbeker wordt eigendom van de speler die driemaal achtereen of vijfmaal in totaal jeugdclubkampioen van de Schaakvereniging is geweest.

 

SLOTBEPALING

Artikel 19   Beroep

1. Tegen een door de jeugdleider genomen beslissing staat voor de belanghebbende(n) beroep open bij het bestuur.
2. Een beroep volgens artikel 19 lid 1 moet schriftelijk, met redenen omkleed binnen vijftien dagen, nadat de beslissing is mede gedeeld, worden ingediend bij de Secretaris van de schaakvereniging, onder gelijktijdige verzending van een afschrift aan alle bij het beroep betrokkenen.
3. Binnen één maand na indiening van het beroepschrift ontvangen de indiener(s) van het beroep, de jeugdleider en de overige betrokkenen een gemotiveerde uitspraak.

 

Artikel 20   Vaststelling reglement

1. Aldus vastgesteld tijdens de Algemene Ledenvergadering van 31 augustus 2014.
2. Wijzigingen in dit reglement dienen te worden goedgekeurd door de ALV van de Schaakvereniging.

 

 

Bijlage A: Voorbeeld speelpercentage van 55%

Inleiding:

Sommige jeugdspelers (en ouders!) vragen zich wel eens af waarom iemand met minder punten in totaal toch hoger kan eindigen. De eindstand wordt opgemaakt aan de hand van het scoringspercentage (aantal matchpunten gedeeld door het aantal gespeelde partijen). Maar dit is natuurlijk niet altijd eerlijk als iemand 1 uit 1 (= 100%) heeft gehaald, daarvoor is er de 55% regel.

Wat is die regel nu?

Wel, wanneer iemand minimaal 55% gespeelde partijen heeft die maximaal in die groep is gespeeld, dan is zijn scoringspercentage geldig of betrouwbaar. Als een speler minder dan 55% heeft gehaald, wordt hij/zij uit de stand gehaald. Als het om de eerste drie plaatsen gaan en het scoringspercentages is gelijk aan of kleiner dan 3%, dan wordt er een beslissingsmatch gespeeld.

Voorbeeld:

Jan haalt 10 uit 13
Piet haalt 8 uit 10
Bert haalt 7 uit 12
Klaas haalt 9 uit 12
Kees haalt 6 uit 7

Wanneer je naar de matchpunten kijkt dan is de volgorde:

1. Jan     10 punten
2. Klaas    9 punten
3. Piet       8 punten
3. Bert       7 punten
5. Kees    6 punten

Wanneer je naar het percentage kijkt dan is de volgorde:

1. Kees    85,7 %
2. Piet       80,0 %
3. Jan       76,9 %
4. Klaas   75,0 %
5. Bert      58,3 %

Na het toepassen van de 55% regel wordt de eindstand echter anders, namelijk:

1. Piet       80,0 % score
2. Jan       76,9 % score
3. Klaas   75,0 % score
4. Bert       58,3 % score

Uitleg:

Piet heeft 10 partijen gespeeld, dit is 77% (max. 13!). Dus geldig.
Jan zijn scoringspercentage is lager.
Kees heeft minder dan 55% van de partijen gespeeld (n.l. 7/13 = 54%), waardoor hij uit de stand wordt gehaald.

Overigens zal de jeugdleider besluiten tot een beslissingsmatch tussen Jan en Klaas.